Artikelen zoeken

Delictgedrag na ontslag

Delinquent gedrag bij jongeren gaat vaak samen met een blootstelling aan meerdere risicofactoren in verschillende domeinen (individueel, familie, vrienden en school), zoals drugsgebruik in het individuele domein en de afwezigheid van prosociale leeftijdgenoten in het vriendendomein. Jongeren met ernstige psychische problemen, die opgenomen zijn bij een kliniek voor forensische jeugdpsychiatrie en orthopsychiatrie, hebben vaak niet één maar meerdere risicofactoren.

Vier risicoprofielen

In een eerdere studie zijn er vier subgroepen gevonden van jongeren met eenzelfde combinatie van aanwezige risicofactoren. Er zijn twee groepen gevonden met veel risicofactoren in verschillende domeinen en twee groepen met minder risicofactoren in minder domeinen:

  1. Profiel 1: Veel risicofactoren in het individuele, vrienden- en schooldomein
  2. Profiel 2: Veel risicofactoren in vier domeinen (individueel, familie, vrienden, school)
  3. Profiel 3: Voornamelijk risicofactoren in het vriendendomein
  4. Profiel 4: Voornamelijk risicofactoren in het familiedomein

Doel van dit onderzoek

Het doel van dit vervolgonderzoek was om meer zicht te krijgen op het delictgedrag van de jongeren na ontslag uit de kliniek. We hebben onderzocht of de vier eerder gevonden risicoprofielen voorspellend waren voor delictgedrag na ontslag. We hebben hierbij gekeken naar het aantal lichte, middelzware en zware delicten na ontslag. Aangezien uit de literatuur blijkt dat eerder delinquent gedrag een sterke voorspeller is voor herhaaldelijke delinquentie, hebben we hier in de analyses rekening mee gehouden.

Resultaten

De risicoprofielen bleken inderdaad voorspellend te zijn voor het aantal lichte, middelzware en zware delicten na ontslag. Zowel de twee groepen met veel risicofactoren (profiel 1 en 2) als ook de groep met alleen risicofactoren in het familiedomein (profiel 4) hadden een verhoogde kans op delicten na ontslag. Jongeren met profiel 3, die voornamelijk risicofactoren in het vriendendomein hadden, hadden juist de laagste kans op delicten na ontslag. Daarnaast bleek de afwezigheid van eerdere veroordelingen een beschermende factor voor lichte en zware delicten na ontslag.

2021 one-is-not-the_.png

Betekenis voor de praktijk

Delictgedrag na ontslag kan verminderd worden als behandeling afgestemd wordt op de drie principes van het Risk-Need-Responsivity (RNR)-model van Andrews en Bonta (2010). Volgens het risicoprincipe van dit model moet de intensiteit en de duur van behandeling afgestemd worden op het risico op delinquent gedrag. Dit betekent dat jongeren met profiel 1, 2 en 4 - vanwege hun verhoogde kans op delictgedrag – een intensieve behandeling nodig hebben. Aangezien precies deze groepen ook een verhoogde kans hebben op vroegtijdige beëindiging van de behandeling, is het belangrijk om dit te voorkomen zodat ze inderdaad de intensieve behandeling krijgen die ze nodig hebben.

De specifieke risicofactoren in elke groep kunnen een leidraad zijn voor behandeling volgens het behoefteprincipe, waarbij het belang wordt onderstreept dat behandeling gericht moet zijn op risicofactoren die direct samenhangen met delictgedrag. Dit betekent dat bijvoorbeeld bij jongeren met profiel 2 en 4, met veel risicofactoren in het familiedomein, behandeling gericht moet zijn op het versterken van het sociale netwerk in het algemeen en het verbeteren van de band met ouders in het bijzonder.

DSC_0373jpg.jpg

Wil je meer weten over dit project neem dan contact op met Lisette Janssen-de Ruijter. Op de hoogte blijven van GGzEi? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.